Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Afdeling 8.

Artikel 2:30A

Zwarte lijst

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening gemeente Bergen 2009

1.. Het is de exploitant van een openbare inrichting verboden hierin toe te laten of te laten verblijven niet tot zijn gezin behorende personen, die naar het oordeel van de burgemeester misbruik van alcoholhoudende drank plegen te maken of van slecht zedelijk gedrag zijn en wier namen als zodanig schriftelijk aan die houder zijn opgegeven. 2.. De exploitant van een openbare inrichting is verplicht, indien een persoon als bedoeld in het eerste lid die zich in de openbare inrichting bevindt, in gebreke blijft deze openbare inrichting te verlaten, hiervan terstond kennis te geven aan de politie. 3.. Het is de exploitant van een openbare inrichting, zijn huisgenoten en zijn personeel verboden inzage te verlenen in de opgave als bedoeld in het eerste lid of daaromtrent mededelingen te doen aan anderen dan ambtenaren van politie. 4.. Het is aan een persoon wiens naam ingevolge het bepaalde in het eerste lid door de burgemeester aan de houders van openbare inrichtingen is opgegeven, verboden zich in een dergelijke inrichting te bevinden nadat hij schriftelijk door de burgemeester van dit verbod in kennis is gesteld. 5.. Het verbod in het vierde lid geldt voor een bepaalde periode, die niet langer is dan een jaar.

Rechtspraak bij dit artikel