**1..** De zakelijk gerechtigde, bezitter of gebruiker, die om dringende redenen, die niet voorzien zijn in artikel 24, een van de handelingen bedoeld in artikel 23 wenst te verrichten, doen verrichten of toe te laten, doet hiervan tenminste 6 weken en ten hoogste 24 weken voorafgaand aan de beoogde uitvoering van de handelingen melding bij Gedeputeerde Staten door middel van een meldingsformulier. De melding geldt als een verzoek om de beschermde status van het landschapselement geheel of gedeeltelijk op te heffen.
**2..** Gedeputeerde Staten besluiten uiterlijk 6 weken na ontvangst van de melding. Deze termijn kan een keer met 6 weken verlengd worden.
**3..** Indien Gedeputeerde Staten besluiten om de beschermde status geheel of gedeeltelijk op te heffen, kunnen zij daar voorschriften, beperkingen en compenserende maatregelen aan verbinden.
**4..** Voor zover de beschermde status wordt opgeheven, mogen de handelingen, bedoeld in artikel 23, niet worden verricht tot na afloop van de bezwaar- en beroepstermijnen het opheffingsbesluit onherroepelijk is geworden.
Hoofdstuk V
Artikel 25