1. Van dit mandaatstatuut is de volgende bevoegdheid uitgezonderd:
**•.** het vaststellen, wijzigen of intrekken van beleidsregels.
2. Er is geen sprake van mandaat, overeenkomstig de in artikel 5 genoemde randvoorwaarden:
**•.** indien sprake is van afwijking van terzake bestendige bestuurspraktijk of terzake vastgesteld beleid;
**•.** indien sprake is van afdelingsoverstijgende bevoegdheden;
**•.** indien sprake is van financiële gevolgen die niet zijn voorzien in de begroting.