Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 9a:

Artikel 26

Bevoegdheden van de ontvanger

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Drechtsteden

De ontvanger oefent de bevoegdheden en verplichtingen uit welke bij of krachtens de Algemene wet inzake rijksbelastingen, de Invorderingswet 1990, de Kostenwet invordering rijksbelastingen, de Gemeentewet, de Wet WOZ en de Wet milieubeheer toegekend zijn aan de ontvanger of een inzake rijksbelastingen bevoegde ontvanger van de deelnemende gemeenten. Bij de uitoefening van de bevoegdheden als bedoeld in het voorgaande lid neemt de ontvanger de kwijtscheldingsregels van de desbetreffende gemeenten en de nadere regels van het Drechtstedenbestuur in acht, alsmede houdt hij rekening met de beleidsregels van het Drechtstedenbestuur ter zake van de uitoefening van zijn bevoegdheid. De ontvanger beslist niet tot het leggen van beslag en tot het voeren van een executieprocedure in eerste aanleg, hoger beroep en in cassatie dan nadat hij het Drechtstedenbestuur van zijn voornemen op de hoogte heeft gesteld.

Rechtspraak bij dit artikel