Naar hoofdinhoud
1. Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die hierin niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de wet. 2. a. De wet: de Participatiewet, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ), het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004), de Algemene wet bestuursrecht (Awb). b. Het college: het college van burgermeester en wethouders Heerlen. c. De raad: de gemeenteraad van de gemeente Heerlen d. De uitkering: algemene bijstand op grond van de Participatiewet, alsook een uitkering op grond van IOAW, IOAZ, Bbz2004 of op grond van artikel 11 van de Participatiewet. e. De bijstandsnorm: 1° de toepasselijke bijstandsnorm, zoals bedoeld in artikel 5, onderdeel c, en artikel 12 van de Participatiewet, of; 2° de grondslag van de uitkering als bedoeld in artikel 5 van de IOAW of artikel 5 van de IOAZ voor zover sprake is van een uitkering op grond van de IOAW of IOAZ. 3° het bedrag aan bijzondere bijstand. f.De maatregel: de toepassing van een verlaging op grond van de wet en deze verordening in verband met het begaan van een gedraging waarvoor een verlaging van de uitkering kan worden toegepast.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel