Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 5

Gemengd - 2

Onderdeel van Beheersverordening Ceramique 2016

5.1 Besluitvlakomschrijving De voor 'Gemengd - 2' aangewezen gronden zijn bestemd voor: kantoren; dienstverlening; recreatieve voorzieningen; maatschappelijke voorzieningen; een sportcentrum, uitsluitend ter plaatse van het besluitsubvlak 'sportcentrum (spc)'; een onderdoorgang, uitsluitend ter plaatse van het besluitsubvlak 'onderdoorgang [ond]'; wegen en paden; water en waterhuishoudkundige voorzieningen; groenvoorzieningen; tuinen, erven en verhardingen; additionele voorzieningen. 5.2 Bouwregels 5.2.1 Gebouwen Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende bepalingen: gebouwen mogen alleen worden gebouwd binnen het op de verbeelding aangegeven bouwvlak; de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van het besluitsubvlak 'maximum bouwhoogte (m) en maximum bebouwingspercentage (%)' is aangegeven; het bebouwingspercentage mag niet meer bedragen dan ter plaatse van het besluitsubvlak 'maximum bouwhoogte (m) en maximum bebouwingspercentage (%)' is aangegeven. 5.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende bepalingen: deze mogen in het gehele besluitvlak worden gebouwd; de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer dan 2 meter bedragen; de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 8 meter. 5.2.3 Additionele voorzieningen Voor het bouwen van gebouwen ten behoeve van additionele voorzieningen gelden de volgende bepalingen: gebouwen ten behoeve van additionele voorzieningen mogen zowel binnen als buiten het aangeduide bouwvlak worden gebouwd; de bouwhoogte van een gebouw ten behoeve van additionele voorzieningen mag niet meer bedragen dan 3,5 meter; de oppervlakte van een gebouw ten behoeve van additionele voorzieningen mag niet meer bedragen dan 15 m2. 5.2.4 Onderdoorgangen Ter plaatse van het besluitsubvlak 'onderdoorgang [ond]' dienen de gronden te worden ingericht als onderdoorgang, waarbij de vrije hoogte niet minder dan 2,5 meter mag bedragen. 5.3 Nadere eisen Burgemeester en Wethouders kunnen nadere eisen stellen ten behoeve van: het voorkomen van een onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden en het woon- en leefklimaat van de aangrenzende gronden en bouwwerken; de situering, de oppervlakte en de bouwhoogte van bebouwing en de aard, hoogte en situering van erfafscheidingen; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de brandveiligheid en rampenbestrijding. 5.4 Specifieke gebruiksregels Ten aanzien van de functies als genoemd in artikel 5 lid 1 geldt dat de maximum oppervlakte aan recreatieve voorzieningen, zoals bedoeld in artikel 5 lid 1 sub c., niet meer mag bedragen dan 950 m².

Rechtspraak bij dit artikel