Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Afdeling

Artikel 2:43

Gevaarlijke honden

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Leusden 2010-I

Indien het college aan de eigenaar of de houder van een hond heeft bekendgemaakt dat het die hond gevaarlijk of hinderlijk acht, is het die eigenaar of houder verboden die hond te laten verblijven of te laten lopen op een openbare plaats of op het terrein van een ander: anders dan kort aangelijnd, indien het college een aanlijngebod in verband met het gedrag van die hond heeft opgelegd; anders dan kort aangelijnd en voorzien van een muilkorf, indien het college een aanlijn- en muilkorfgebod in verband met het gedrag van die hond heeft opgelegd. Onverminderd het bepaalde in artikel 2:57, eerste lid onder b, dient die hond voorzien te zijn van een door de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij op aanvraag verstrekt uniek identificatienummer door middel van: tatoeage op de binnenkant van het oor, of een door die Minister op aanvraag verstrekte transponder in het midden van de linkerzijkant van de hals of dorsaal tussen de schouderbladen. In het eerste lid wordt verstaan onder: muilkorf: een muilkorf vervaardigd van stevige kunststof, of van stevig leer of van beide stoffen, die door middel van een stevige leren riem rond de hals zodanig is aangebracht dat verwijdering zonder toedoen van de mens niet mogelijk is en die zodanig is ingericht dat de drager geen mens of dier kan bijten, dat de afgesloten ruimte binnen de korf een geringe opening van de bek toelaat en dat geen scherpe delen binnen de korf aanwezig zijn; kort aangelijnd: aangelijnd met een lijn met een lengte, gemeten van hand tot halsband, die niet langer is dan 1,50 meter.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel