Aan de medewerker die een dienstreis maakt met het openbaar vervoer, wordt een vervoersbewijs ter beschikking gesteld op basis van het eerste klasse tarief.
Indien de dienstreis naar het oordeel van de leidinggevende niet of niet op doelmatige wijze met het openbaar vervoer kan worden gemaakt, kan hij de medewerker toestemming verlenen om de dienstreis met een eigen motorvoertuig of bromfiets te maken. De medewerker wordt in dat geval een vergoeding verleend zoals genoemd in artikel 2 van de Reisregeling binnenland.
De leidinggevende kan in bijzondere gevallen de medewerker toestemming geven de dienstreis met een eigen motorvoertuig of bromfiets te maken ondanks dat de dienstreis op doelmatige wijze met het openbaar vervoer is te maken. De medewerker wordt in dat geval een vergoeding verleend zoals genoemd in artikel 3 van de Reisregeling binnenland.
De medewerker die met zijn eigen fiets een dienstreis maakt buiten de standplaats, wordt een vergoeding verleend zoals genoemd in artikel 4 van de Reisregeling binnenland.
Indien naar het oordeel van de leidinggevende het dienstbelang ermee is gebaat dat tijdens een dienstreis naast openbaar vervoer, gebruik wordt gemaakt van een taxi worden de aan dat taxigebruik verbonden kosten volledig vergoed.
Artikel 3
Vergoeding reiskosten
Onderdeel van REGELING REIS- EN VERBLIJFKOSTENVERGOEDING GEMEENTE MAASTRICHT 2016