Naar hoofdinhoud
1.. De ambtenaar kan het IKB aanwenden voor één of meer van de volgende doelen: voor de bestemmingen, bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de IKAP-regeling provincies, overeenkomstig het bepaalde in die regeling; voor bruto inkomen in de maand zelf en/of in de daarop volgende maand of maanden; voor extra verlof overeenkomstig het bepaalde in de IKAP-regeling provincies; voor het sparen in het kader van de Levensloopregeling, met in achtneming van het bepaalde in die regeling. 2.. Keuzes, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a, b en d, kan de ambtenaar maken tot de maandelijkse sluitingsdatum van de salarisverwerking. Hij heeft voor deze keuzes geen toestemming nodig. 3.. Keuzes kunnen alleen worden gemaakt voor zover het IKB toereikend is. 4.. Keuzes mogen uitsluitend betrekking hebben op hetzelfde kalenderjaar. Er mag geen budget uit het IKB worden overgeheveld naar het volgende kalenderjaar. Het bedrag dat in december van het kalenderjaar nog in het IKB zit wordt in die maand uitbetaald. 5.. Het extra verlof, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, hoeft niet in hetzelfde kalenderjaar te worden opgenomen. 6.. Maakt de ambtenaar vóór de sluitingsdatum van de salarisverwerking geen keuze dan wordt het niet aangewende deel van het IKB dezelfde kalendermaand automatisch uitbetaald. 7.. Bedragen die uit het IKB zijn opgenomen kunnen niet meer worden teruggestort in het IKB.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel