Niet alle problemen zijn in de buurt en via de inzet van het eigen netwerk, informele zorg of algemene voorzieningen op te lossen. Soms hebben inwoners specifieke, specialistische en/of intensieve ondersteuning nodig. Het gaat om voorzieningen die vaak bovenlokaal, regionaal of soms zelfs landelijk zijn georganiseerd, zoals crisisopvang, pleegzorg, jeugdbescherming. Ook als deze ‘zwaardere’ vormen van hulp nodig zijn, blijft het uitgangspunt van nabijheid overeind.
In situaties waar de basis niet voldoende ondersteuning biedt, moet snel en dichtbij ondersteuning vanuit maatwerkvoorzieningen worden ingezet. Deze hulp ‘moet in een keer goed zijn’. Dat wil zeggen zo licht als het kan en zo zwaar als nodig. In de verordening Jeugdhulp 2016 wordt weergegeven welk individuele maatwerk voorzieningen in het kader van specialistische hulp beschikbaar zijn.
Tijdens de procedure bekijkt het Stadsteam en/of de consulent, al dan niet aangevuld met de analyse van overige professionals die al contact hebben gehad met het gezin, welke (combinatie) van zorg en ondersteuning passend is bij de hulpvraag van de cliënt. De gemeente zorgt voor de uitvoering met het oog op de wet, zoals het opstellen van de beschikking en/of de PGB afspraken.
De beslissing of iemand voor specialistische hulp in aanmerking komt, is naast het team voorbehouden aan de huisarts, kinderarts of jeugdarts. De inzet van specialistische jeugdhulp zal altijd worden gebaseerd op het oordeel van deskundigen.
In de Jeugdwet is opgenomen dat aanbieders van jeugdhulp verantwoorde hulp moeten verlenen1Verantwoorde hulp is hulp van goed niveau, die in ieder geval: veilig, doeltreffend, doelmatig en cliëntgericht wordt verleend en die is afgestemd op de reële behoefte van de jeugdige of ouder.. Dit geldt ook voor de professionals uit het Stadsteam. Deze verplichting is verder uitgewerkt in de norm van verantwoorde werktoeleiding. Leidend principe bij de norm van de verantwoorde werktoedeling is het principe “ pas toe of leg uit”. Hiervoor maken we gebruik van het afwegingskader voor de inzet van geregistreerde en niet-geregistreerde professionals, kwaliteitskader Jeugd, versie 2.0 maart 2016.
De inzet van jeugdhulp vindt plaats op basis van de Jeugdwet en het burgerlijk wetboek, waarbij de leeftijdsgrens van 18 jaar wordt gehanteerd. Indien er binnen 6 maanden nadat een kind 18 jaar is geworden wordt geconstateerd dat er aanvullende hulp noodzakelijk is, kan de hulp worden verlengd totdat de jongvolwassene 23 jaar is geworden.
Alle aanvullende hulp na die leeftijd zal in principe worden gecontinueerd. De jeugdhulp wordt voortgezet als de hulp niet vanuit een andere wetgeving ingezet kan worden, bijv. Wmo of WLZ. Deze zijn voorliggend op de Jeugdwet.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.3
Individuele maatwerkvoorzieningen in het kader van specialistische hulp
Onderdeel van Beleidsregels Jeugdhulp gemeente Enkhuizen 2017