Wanneer het voor de cliënt zonder sporthulpmiddel niet mogelijk is om een sport te beoefenen en de kosten hiervoor aanzienlijk hoger zijn -dan de gebruikelijke kosten die een persoon zonder beperkingen heeft voor dezelfde (of een vergelijkbare) sport-, kan een pgb voor de meerkosten van de sportvoorziening worden verstrekt. Dat kan een sportrolstoel zijn maar ook een ander hulpmiddel. Eens per drie jaar wordt er een pgb te verstrekt voor het aanschaffen van een sportvoorziening. (Met een maximum van € 2600 artikel 18 lid d Verordening maatschappelijke ondersteuning 2017).
Afwegingskader:
Het verstrekken van een sportvoorziening is gericht op het behalen van resultaat gericht op maatschappelijke participatie. Het kan daarbij gaan om sporten in verenigen verband maar ook om sporten in georganiseerd en structureer verband zoals en trainingsgroep.
Sportvoorzieningen voor gezamenlijk of collectief gebruik komen niet in aanmerking voor een pgb.
Inwoner die lid is van de NOC/NSF komt niet in aanmerking voor een sportvoorziening.