Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 20

Woonvoorzieningen

Onderdeel van Beleidsregel Toegang Wmo en Jeugdhulp 2017

Om langer zelfstandig te kunnen blijven wonen in de eigen leefomgeving (dat kan de eigen woning zijn of een geschiktere woning in dezelfde omgeving) zijn er tegenwoordig veel voorzieningen die dit mogelijk maken. In deze paragraaf volgt een toelichting op verschillende soorten woonvoorzieningen en een aantal begrippen die bij de beoordeling van de noodzaak van een voorziening en in de jurisprudentie over dit onderwerp een rol spelen. Wij onderscheiden de volgende woonvoorzieningen: Losse woonvoorzieningen ;voorzieningen die niet nagelvast, dus verplaatsbaar zijn (bijvoorbeeld een toiletstoel) ; Bouwkundige woonvoorziening; nagelvaste voorzieningen ( bijvoorbeeld een douchezitje aan de muur of een ophoging van de tegels bij de voordeur); Verhuiskostenvergoeding Roerende woonvoorzieningen Een woonvoorziening die wordt ingekocht moet minimaal zijn voorzien van het CE-keurmerk (indien van toepassing). De voorziening moet binnen 15 maanden na toekenningsdatum zijn aangeschaft. Onroerende woonvoorzieningen Met de voorziening die de cliënt wil inzetten moet het resultaat om zelfstandig te kunnen blijven wonen en participeren gehaald worden. Hiervoor kan een programma van eisen worden opgesteld door de gemeente, waaraan de ondersteuning moet voldoen. Als iemand met een pgb een onroerende woonvoorziening realiseert moet deze voldoen aan het Bouwbesluit. Verder moet deze voldoen aan bouwtechnische en bouwkundige eisen, welke beoordeeld dienen te worden door de bouwkundige van de gemeente Ede. Daarnaast gelden alle wettelijke eisen en verordeningen en de NEN-normen (zie www.nen.nl). Kwaliteit van onroerende woonvoorzieningen houdt ook in dat gebruik wordt gemaakt van materialen die duurzaam zijn en zoveel mogelijk onderhoudsvrij, en die zijn aan te merken als adequaat goedkoopst. Dit ter beoordeling van de bouwkundige van de gemeente Ede. Traplift Voor een traplift gelden eisen waaraan de ingekochte traplift moet voldoen (deze zijn o.a. terug te vinden via handicare-trapliften.nl) . De trapliften van Handicare zijn gekeurd conform de standaard NEN-EN 81-40:2008 van het Nederlands Liftinstituut. Woningaanpassingen Bouwkundige woningaanpassingen, zoals een verbouwing of aanbouw. Bij verbouwing of aanbouw gelden de volgende elementen die voor vergoeding in aanmerking komen (hetzij bij verstrekking in natura, of bij verstrekking in de vorm van een PGB): a)    Het door de gemeente vastgestelde bedrag (hierin begrepen de loon- en materiaalkosten) voor het treffen van de voorziening (vastgesteld op basis van een rekenprogramma zoals genoemd in artikel 13a lid 2 sub d van de Verordening Maatschappelijk ondersteuning 2017). Indien de voorziening door de bewoner(s) zelf wordt getroffen dan vervalt de post loonkosten en komen alleen de materiaalkosten voor vergoeding in aanmerking. b) De risicoverrekening van loon- en materiaalkosten, met inachtneming van het bepaalde in de risicoregeling woning- en utiliteitsbouw (RWU 1991). c) Een door de gemeente vastgesteld bedrag als architectenhonorarium voor zover het noodzakelijk is dat een architect voor de woningaanpassing wordt ingeschakeld (vastgesteld op basis van een rekenprogramma zoals genoemd in artikel 13a lid 2 sub d van de Verordening Maatschappelijk ondersteuning 2017). d) De leges voor de bouwvergunning, voor zover de bouwvergunning betrekking heeft op het treffen van de voorziening. e) De verschuldigde en niet verrekenbare of terugvorderbare omzetbelasting. f) De door burgemeester en wethouders (schriftelijk) goedgekeurde kostenverhogingen, die ten tijde van de raming van de kosten redelijkerwijs niet voorzien hadden kunnen zijn. g) De kosten in verband met noodzakelijk en technisch onderzoek en adviezen met betrekking tot het verrichten van de aanpassing. h) De kosten van (her)aansluiting op de openbare nutsvoorziening. Afwegingskader Het beschikken over een woning behoort tot de eigen verantwoordelijkheid. Dit geldt ook voor het beschikken over een zo geschikt mogelijk woning. Het behoort tot de eigen verantwoordelijkheid om passende maatregelingen te nemen behorend bij de levensfase. Voor het bepalen van de aard en de omvang van de te verstrekken woonvoorzieningen wordt gekeken of verhuizen naar een aangepaste woning en/of het aanpassen van de huidige woning het goedkoopst adequaat is. Bij een woning aanpassing gaat het om de belemmeringen in en rond de woning te verminderen of op te heffen. Of de inwoner in aanmerking komt voor roerende of onroerende of financiële voorziening hangt af van de beperkingen, belemmeringen van de inwoner en van de bouwkundige situatie van de huidige woning.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel