De hoogte van het PGB voor beschermd wonen wordt vastgesteld op basis van de indicatie en bedraagt 90% van de looncomponent die het college van Amersfoort verschuldigd is aan een gecontracteerde aanbieder, tenzij sprake is van overgangsrecht.
Indien de cliënt met een indicatie voor beschermd wonen zijn hoofdverblijf heeft of zal hebben in accommodatie die voldoet aan de eisen als bedoeld in het besluit nadere regels kan het college een (aanvullend) PGB verstrekken in de vorm van een wooninitiatieventoeslag.
Het college volgt de tarieven die het college van Amersfoort verschuldigd is aan de (gecontracteerde) aanbieders en de hoogte van de wooninitiatieventoeslag zoals die zijn vastgelegd in het Wmo Financieel Besluit van Amersfoort.
HOOFDSTUK 3.
Artikel 17.