Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3.

Artikel 14A.

Hoogte persoonsgebonden budget beschermd wonen

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Veenendaal

De hoogte van het pgb voor beschermd wonen wordt: vastgesteld aan de hand van een door de cliënt opgesteld budgetplan waarin in ieder geval uiteen is gezet: het voor de cliënt van toepassing zijnde zorgarrangement; het aantal geïndiceerde uren; en, dat het pgb redelijkerwijs toereikend is om tijdig veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten of andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van een professionele dienstverlener te betrekken waarbij rekening is gehouden met redelijke overheadkosten en het gestelde in sub b.; berekend op basis van een prijs of tarief zijnde maximaal 90% van het uurtarief van de in de betreffende situatie goedkoopste adequate in de gemeente tijdig beschikbare maatwerkvoorziening in natura of zoveel meer, tot ten hoogste de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopste adequate in de gemeente tijdig beschikbare maatwerkvoorziening in natura. Het college kan nadere regels stellen in het geval de cliënt een pgb wenst voor beschermd wonen over de eisen die gelden voor de accommodatie waar de cliënt zijn hoofdverblijf heeft of zal hebben voor wat betreft: het aantal bewoners; de inschrijving in de Basisregistratie personen (BRP); en, de eisen die gelden voor de accommodatie. Indien de cliënt met een indicatie voor beschermd wonen zijn hoofdverblijf heeft of zal hebben in een accommodatie die voldoet aan de eisen als bedoeld in het vorige lid, dan kan het college een (aanvullend) pgb verstrekken in de vorm van een wooninitiatieventoeslag.

Rechtspraak bij dit artikel