1.. Het college weigert de subsidieverlening als bedoeld in artikel 3.1 in ieder geval indien:

  • - Het project naar zijn oordeel onvoldoende doelmatig is;
  • - De kosten van de werkzaamheden naar zijn oordeel niet in redelijke verhouding staan tot het te verkrijgen resultaat;
  • - De aanvraag in strijd is met het bij of krachtens deze verordening gestelde;
  • - Het subsidieplafond is bereikt.
  • - Zonder toestemming van het college is begonnen met de werkzaamheden.