1. Een voorziening als bedoeld in artikel 1, sub i, van deze regeling kan bestaan uit één van de navolgende

mogelijkheden:

a. het lidmaatschap van een jeugd-, sport- of ontspanningsvereniging;

b. het binnen de Brabantse Wal gemeenten kunnen volgen van een cursus of workshop op het gebied van

muziek, dans, theater of beeldend, uitsluitend in groepsverband;

c. het binnen de Brabantse Wal gemeenten wekelijks gedurende een half uur kunnen volgen van regulier

zwemonderwijs voor de diploma’s A en B tegen het laagst mogelijke tarief van het desbetreffende instituut

met een maximum bedrag van € 7,50 voor 30 minuten;

d. een abonnement voor zwembad De Melanen, De Meermin, Aquadintel of De Plantage;

e. het kunnen deelnemen aan een schoolreisje of schoolkamp tijdens het basisonderwijs, vakexcursies in het

voortgezet onderwijs, het spaarsysteem in lagere klassen van het voortgezet onderwijs ter financiering van

een meerdaagse buitenlandse schoolreis later als leerling van een van de hoogste klassen, alsmede andere

activiteiten die in een schooljaar door de school worden georganiseerd;

f. het kunnen deelnemen aan een themaklas als additioneel onderwijs op het regulier middelbaar onderwijs;

g. een (tweedehands) standaard fiets voor normaal dagelijks gebruik bij het volgen van voortgezet onderwijs;

h. een eenvoudige voor het voortgezet onderwijs benodigde (tweedehands) laptop of tablet;

i. noodzakelijke aanvullende studiebegeleiding op het reguliere onderwijs om de schoolprestaties van de

leerling op het vereiste niveau te krijgen dan wel voor een voldoende beheersing van de examenstof in het

laatste schooljaar.

2. Een voorziening voor schoolactiviteiten kan zich uitstrekken tot alle in een schooljaar georganiseerde activiteiten.

3. Bij fitness mogen de kosten van het lidmaatschap een bedrag van € 20,00 per maand niet overschrijden.

4. Geen voorziening in natura is mogelijk voor exclusieve en extreme sporten.

5. Geen voorziening in natura is mogelijk voor een meerdaagse buitenlandse schoolreis anders dan middels

deelname aan het spaarsysteem als bedoeld in lid 1.

6. De aanschafkosten van een fiets mogen een bedrag van € 300,00 niet overschrijden.

7. De aanschafkosten van een laptop of tablet inclusief eventueel benodigde sofware mogen een bedrag van

€ 300,00 niet overschrijden.

8. Voor de verstrekking van een voorziening voor studiebegeleiding als bedoeld in lid 1, sub i, geldt het vereiste, dat

de school een substantiële bijdrage in de hieraan verbonden kosten levert.

9. Een voorziening als vermeld in lid 1, sub g en h, kan slechts één keer in een periode van 5 jaar worden verstrekt

en is onlosmakelijk verbonden met het volgen van voortgezet onderwijs.

10. In afwijking van artikel 4 kunnen voorzieningen als vermeld in lid 1, sub f, g, h en i, onderling samengaan

alsmede met een voorziening als vermeld in lid 1, sub a, b, c, d of e.