Naar hoofdinhoud
Voor alle gevallen waar sprake is van huisvesting van buitenlandse werknemers die tijdelijk in Nederland verblijven (‘shortstay’-arbeidsmigranten) gelden onderstaande uitgangspunten. Bij het bepalen van deze uitgangspunten is aangesloten op de ‘Norm voor huisvesting van arbeidsmigranten’ (Stichting Normering Flexwonen (SNF), zie bijlage 1). Deze norm is tot stand gekomen in samenspraak met Rijk, gemeenten, woningcorporaties, werkgevers en vakbonden en heeft tot doel om de tijdelijke huisvesting van EU-werknemers te verbeteren. Samen zijn de partijen gekomen tot een huisvestingsnorm die aansluit bij de wensen van de doelgroep en die het mogelijk maakt te controleren of werkgevers zich houden aan kwaliteitseisen. Initiatiefnemers kunnen, indien zij aan alle voorwaarden uit de huisvestingsnorm voldoen, een keurmerk aanvragen en worden opgenomen in een register (de Stichting Normering Flexwonen ziet toe op het beheer van dit register). De meest recente versie van de huisvestingsnorm van de SNF is beschikbaar gekomen op 1 mei 2017. Ook de provincie vermeldt deze norm in haar Beleidsnotitie Huisvesting Arbeidsmigranten 2016. Het hoofduitgangspunt Een belangrijk hoofduitgangspunt voor de gemeente Echt-Susteren is dat primair gebruik moet worden gemaakt van bestaande bebouwing. Een initiatiefnemer zal eerst aannemelijk moeten maken dat er geen mogelijkheden zijn in bestaande bebouwing voor het realiseren van een short stay-voorziening. Pas wanneer aannemelijk is gemaakt dat dit niet tot de mogelijkheden behoort, mag onder voorwaarden een nieuw logiesgebouw worden ontwikkeld. Een dergelijk gebouw krijgt dan een passende (planologische) bestemming die op deze functie is toegespitst. Per specifiek huisvestingstype worden in dit beleidskader aanvullende uitgangspunten gegeven (hoofdstuk 4 van dit beleidskader). De overige uitgangspunten bij het toetsen van nieuwe voorzieningen 3 Bestaande, legale voorzieningen kunnen het gebruik op basis van de bestaande vergunning blijven voortzetten. voor arbeidsmigrantenhuisvesting zijn: de maximale verblijfsduur van ‘shortstay’-arbeidsmigranten bedraagt 9 maanden; er moet worden voldaan aan de geldende wet- en regelgeving (o.a. Bouwbesluit, milieuwetgeving, Besluit brandveilig gebruik bouwwerken); per locatie dient op een centrale plek een handboek/informatiekaart met huis- en leefregels en bereikbare hulpdiensten in de taal van het land van herkomst beschikbaar te zijn; de oppervlakte aan leefruimte per persoon (bestaande uit slaapruimte en andere inpandige leefruimte, exclusief gangen, trappenhuizen, technische ruimten en sanitaire ruimten) dient minimaal 12 m² gebruiksoppervlakte (GO) te zijn, behalve wanneer de huisvesting wordt gerealiseerd in een hotel of pension, waar de bestaande kamermaat als oppervlakte geldt (afhankelijk van het aantal personen waarvoor deze kamer oorspronkelijk bedoeld is); er dient minimaal één toilet- en doucheruimte beschikbaar te zijn per 8 personen 4 Bij minder dan 8 personen in een voorziening dient er uiteraard ook een toilet-/ doucheruimte aanwezig te zijn;; er dient minimaal één kookgelegenheid beschikbaar te zijn per 8 personen 5 Bij minder dan 8 personen in een voorziening dient er uiteraard ook een kookgelegenheid aanwezig te zijn.; de brandveiligheid dient gewaarborgd te zijn; de burgemeester dient binnen drie dagen schriftelijk in kennis te worden gesteld van de oprichting van een voorziening voor meer dan vier personen (op basis van de APV); voor een huisvestingsvoorziening voor meer dan vier personen is een vergunning ‘huisvestingsvoorziening voor arbeidsmigranten’ noodzakelijk; hierin dienen minimaal het beheer en toezicht, de parkeervoorziening en de communicatie met klachtenregistratie geregeld te zijn (hiervoor zal de APV worden aangevuld); er dient een nachtregister bijgehouden te worden (op basis van artikel 4:38 Wetboek van Strafrecht) en er dient verblijfsbelasting te worden afgedragen (op basis van artikel 2 van de ‘Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting Echt-Susteren 2016’); in stedelijk gebied wordt bij het gebruik van woningen door arbeidsmigranten een parkeernorm gehanteerd van 4 parkeerplaatsen per woning (bij gebruik door vier arbeidsmigranten). Deze parkeerplaatsen dienen in principe op eigen terrein te worden gerealiseerd. In geval van huisvesting in bestaande woningen waarbij het realiseren van extra parkeerplaatsen op eigen terrein niet mogelijk is, dient de parkeerbalans in de betreffende straat en buurt inzichtelijk te worden gemaakt en dient te worden aangegeven hoe de parkeerbehoefte kan worden geledigd in openbaar gebied. Deze dient op een zodanige wijze te worden opgelost dat geen onacceptabele parkeerdruk in de buurt dan wel parkeerhinder voor derden ontstaat. Bij hergebruik van bestaande gebouwen, anders dan reguliere woningen, dient per locatie/initiatief hieromtrent een afweging te worden gemaakt. In het buitengebied wordt het benodigde aantal parkeerplaatsen op eigen terrein gerealiseerd en wordt dit aantal afgestemd op de omvang van de huisvestingsvoorziening, op het type werkzaamheden dat verricht wordt en het autobezit van de beoogde bewoners. In de regel zijn bij percelen in het buitengebied ruimere mogelijkheden om eigen parkeervoorzieningen te realiseren. Deze twaalf punten worden samen het ‘Basisvoorwaardenpakket’ (BVP) genoemd. Afhankelijk van het huisvestingstype (hoofdstuk 4) komen daar aanvullende voorwaarden bij.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel