Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Algemene bepalingen

Onderdeel van Kruimelgevallenbeleid gemeente Rheden 2017

Burgemeester en wethouders kunnen een vergunning in afwijking van een bestemmingsplan of beheersverordening alleen verlenen als een aanvraag voldoet aan het in artikel 2 van deze beleidsregel bepaalde en in ieder geval aan de volgende criteria, voor zover van toepassing op de specifieke aanvraag: de aanvraag niet in strijd is met wet- en regelgeving en daardoor vervolgens niet uitvoerbaar is; de aanvraag niet in strijd is met het gemeentelijke beleid zoals vastgelegd in nota’s en visies (Welstandsnota, beeldkwaliteitsplan, LOP, structuurvisie, beleid klimaataanpak/duurzaamheid) en de uitvoering van beleid/een bestemmingsplan dat in voorbereiding is doorkruist; de aanvraag niet in strijd is met milieuzonering zoals dat is vastgelegd in de VNG-uitgave Bedrijven en milieuzonering dan wel vastgelegd in gemeentelijk beleid; het bouwplan niet ten koste gaat van parkeergelegenheid op het perceel, tenzij op het bijbehorende terrein voldoende parkeergelegenheid voor (vracht)auto’s wordt aangelegd, een en ander volgens het vastgestelde gemeentelijke parkeerbeleid. Niet alleen het aantal en de bruikbaarheid van de parkeergelegenheid zijn bepalend, de situering zal ook getoetst worden op een goede beeldkwaliteit; de aanvraag niet voor onevenredige aantasting zorgt van de bezonning en privacy van aangrenzende gronden; de aanvraag voor een of meer belanghebbende(n) gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden niet onevenredig zijn in verhouding met de beleidsregels te dienen doel1 (1 hier kan worden gedacht aan aspecten betreffende de sociale leefomgeving); de aanvraag geen onevenredige afbreuk doet aan de stedenbouwkundige structuur en/of het straatbeeld, voor zover er sprake is van een bouwactiviteit; er geen sprake is van evidente privaatrechterlijke belemmeringen. Burgemeester en wethouders kunnen nadere voorschriften verbinden aan de vergunning met het oog op een goede ruimtelijke ordening. De vergunningsprocedure wordt pas gestart nadat met de aanvrager een planschadeverhaalsovereenkomst is gesloten, tenzij het aanbieden voor een overeenkomst niet nodig wordt geacht. Voor de wijze van meten en begrippen geldt hetgeen wat van toepassing is in het bestemmingsplan in combinatie met hetgeen het Besluit omgevingsrecht hieromtrent regelt. Bij bijzondere omstandigheden kunnen burgemeester en wethouders besluiten om in afwijking van de hierna volgende specifieke regels een vergunning te verlenen, als de aanvraag niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening.

Rechtspraak bij dit artikel