Naar hoofdinhoud
1.. Onverminderd het bepaalde ten aanzien van de gemeenteraad in de wet en deze verordening, is het toezicht op het beleid van de directeur-bestuurder en op de algemene gang van zaken in de openbare rechtspersoon opgedragen aan een raad van toezicht. 2.. De raad van toezicht bestaat uit ten minste vijf en ten hoogste zeven natuurlijke personen. De raad van toezicht bepaalt uit hoeveel leden de raad van toezicht bestaat. 3.. De leden van de raad van toezicht worden benoemd door de gemeenteraad. Benoeming geschiedt met inachtneming van een profielschets waarin de noodzakelijke competenties van de raad van toezicht en de afzonderlijke leden van de raad van toezicht worden beschreven. In de profielschets wordt ten minste opgenomen dat de leden van de raad van toezicht de wezenskenmerken van het openbaar onderwijs dienen te respecteren. De profielschets wordt vastgesteld door de raad van toezicht. De voorlopige vastgestelde profielschets wordt ter kennisneming aan de gemeente gestuurd, die in de gelegenheid worden gesteld daarop nog binnen twee maanden te reageren. De raad van toezicht betrekt een eventuele reactie van de gemeente bij de definitieve vaststelling en maakt deze aan de gemeente kenbaar. 4.. De raad van toezicht doet aan de gemeenteraad een voordracht voor de benoeming van de leden van de raad van toezicht met inachtneming van het navolgende. De GMR wordt door de raad van toezicht uitgenodigd om voor één zetel een bindende voordracht te doen. De oudergeleding van de GMR doet een bindende voordracht voor twee zetels in het geval de raad van toezicht uit vijf of zes leden bestaat en voor drie zetels in het geval de raad van toezicht uit zeven leden bestaat. Voor de overige zetels doet de raad van toezicht zelf de voordracht. De sub a., b. en c. genoemde voordrachten worden voorbereid door een benoemingsadviescommissie (BAC), waarin de oudergeleding en de personeelsgeleding van de GMR, alsmede de directeur-bestuurder vertegenwoordigd zijn. De werkwijze van deze benoemingsadviescommissie wordt in een door de raad van toezicht vast te stellen reglement nader uitgewerkt. De voordrachten worden opgemaakt met inachtneming van het profiel bedoeld in het derde lid van dit artikel. 5.. Alle leden van de raad van toezicht vervullen hun taak zonder mandaat en onafhankelijk van bij de openbare rechtspersoon dan wel haar instellingen betrokken deelbelang 6.. De leden van de raad van toezicht worden benoemd voor een periode van (maximaal) vier jaar. Aftreden geschiedt volgens een door de raad van toezicht op te stellen rooster van aftreden. Een volgens rooster aftredend lid van de raad van toezicht is onmiddellijk herbenoembaar. Herbenoeming is slechts eenmaal mogelijk. Iedere voordracht tot (her)benoeming, ook bij tussentijdse vacatures, wordt vergezeld van een rooster van aftreden. 7. . De raad van toezicht wijst uit zijn midden een voorzitter aan. 8. . Eventuele honorering van leden van de raad van toezicht en onkostenvergoedingen aan leden van de raad van toezicht geschieden op basis van een door de raad van toezicht vastgesteld reglement en worden in het jaarverslag openbaar gemaakt. De honorering van leden van de raad van toezicht zal plaatsvinden met inachtneming van het wettelijk geldend maximum en overeenkomstig landelijk gangbare richtlijnen. 9. . De directeur-bestuurder verschaft de raad van toezicht tijdig de voor de uitoefening van diens taken en bevoegdheden noodzakelijke gegevens en voorts aan ieder lid van de raad alle inlichtingen betreffende de aangelegenheden van de openbare rechtspersoon die deze mocht verlangen. Indien en voor zover dit voor de uitoefening van goed toezicht is vereist, is de raad van toezicht bevoegd inzage te nemen en te doen nemen van alle boeken, bescheiden, overige gegevensdragers en correspondentie van de openbare rechtspersoon. 10. . De raad van toezicht kan zich voor rekening van de openbare rechtspersoon in de uitoefening van zijn taak doen bijstaan door een of meer deskundigen. 11. . Een lid van de raad van toezicht defungeert door: overlijden; vrijwillig aftreden (bedanken); het verstrijken van de termijn vermeld in het rooster van aftreden; ontslag hem verleend door de raad van toezicht bij besluit genomen met algemene stemmen van in functie zijnde leden van de raad van toezicht met uitzondering van het betrokken lid van de raad van toezicht; ontslag hem verleend door de gemeenteraad; persoonlijk faillissement; verlening van surseance van betaling; onder curatele stelling. 12. . Ontslagverlening als bedoeld in lid 11 onder d. en e. kan aan de orde zijn wegens: verwaarlozing van de taak of onvoldoende functioneren; onverenigbaarheid van functies of belangen; wijziging van de omstandigheden of andere redenen op grond waarvan handhaving als lid van de raad van toezicht redelijkerwijs niet in het belang is van de openbare rechtspersoon. Alvorens tot ontslag besloten wordt, wordt het betrokken lid van de raad van toezicht in de gelegenheid gesteld zich te verantwoorden en kan zich daarbij doen bijstaan door een raadsman. Het besluit tot ontslag wordt niet eerder genomen dan nadat het betrokken lid van de raad van toezicht in de gelegenheid is gesteld te worden gehoord. 13. . In vacatures wordt zo spoedig mogelijk voorzien. Een niet voltallige raad van toezicht houdt zijn bevoegdheden. Bij ontstentenis of belet van alle leden van de raad van toezicht of van het enige (overgebleven) lid worden de taken en bevoegdheden van de raad van toezicht waargenomen door de perso(o)n(en) die daartoe door de gemeente is of wordt aangewezen. De gemeente dient zo spoedig mogelijk nadat deze situatie is ontstaan hiervan schriftelijk op de hoogte te worden gesteld. Gaat de gemeente niet binnen twee weken nadat zij van de gemelde situatie op de hoogte is gesteld tot een zodanige aanwijzing over dan wordt de raad van toezicht waargenomen door de persoon die daartoe door de voorzieningenrechter van de rechtbank Den Haag, op verzoek van een of meer belanghebbende(n) is of wordt aangewezen. 14. . Bij de vervulling van zijn taak richt de raad van toezicht zich naar het belang van de openbare rechtspersoon, het belang van de scholen die door de openbare rechtspersoon in stand worden gehouden en het belang van de samenleving. 15. . Een lid van de raad van toezicht kan worden geschorst. Het bepaalde in lid 11, onder d. is op dit besluit van overeenkomstige toepassing, evenals het bepaalde in artikel 5, derde lid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel