Bij financiering gelden de volgende uitgangspunten en richtlijnen:
financieringsmiddelen worden uitsluitend aangetrokken voor de uitoefening van de publieke taak;
financieringsmiddelen worden uitsluitend aangetrokken in Euro’s;
financiering met externe financieringsmiddelen wordt zoveel mogelijk beperkt door primair de beschikbare interne liquiditeiten te gebruiken ten einde renterisico’s en het renteresultaat te optimaliseren;
financieringsmiddelen worden afgestemd op de bestaande financiële positie de verwachte inkomsten en uitgaven, de voorliggende rentesituatie en renteverwachting;
bij het aantrekken van kortlopende financieringsmiddelen en de rapportage hierover wordt rekening gehouden met de korte termijn liquiditeitsplanning en de wettelijke kasgeldlimiet;
bij het aantrekken van langlopende financieringsmiddelen wordt gebruik gemaakt van een meerjaren liquiditeitsplanning en er wordt gezorgd dat de renterisiconorm conform Wet fido niet wordt overschreden;
het gebruik van derivaten zoals nader omschreven in de Regeling uitzettingen en derivaten centrale overheden behorende bij de Wet fido is niet toegestaan;
Zowel bij kortlopende als langlopende financieringen vraagt het college offertes op bij minimaal twee financiële ondernemingen alvorens er financieringen worden aangetrokken. Deze offertes worden door het college schriftelijk vastgelegd;
Als gevolg van de wet schatkistbankieren kan de gemeente ook financieringsmiddelen aantrekken van andere decentrale overheden, behalve als er tussen de betreffende decentrale overheden een toezichtrelatie bestaat.