1.. De boete bedraagt € 325,– in de volgende gevallen:

  • - als het aannemelijk is, dat de aangifteverplichting opgenomen in de artikelen 2.38, 2.39, 243 van de wet, bewust niet is nagekomen;
  • - als de overtreder eerder een overtreding heeft begaan, waarvoor de boete opgelegd kan worden;
  • - als de overtreder aan te merken is als gelegenheidsgever in de zin van artikel 4.17 sub b van de wet;
  • - als de overtreder onjuiste aangifte heeft gedaan met valse documenten.

2.. De boete bedraagt € 200,– in de volgende gevallen:

  • - als niet aannemelijk is gemaakt dat de aangifteverplichting, genoemd in de artikelen 2.38, 2.39, 2.43 van de wet, bewust niet is nagekomen;
  • - als de overtreder geen informatie verstrekt, geen geschriften overlegt of niet in persoon verschijnt overeenkomstig het bepaalde in artikelen 2.44, 2.45 lid 1, 2.46, 2.47 en 2.51 van de wet;
  • - als de overtreder niet voldoet aan informatie- of zorgplicht jegens ingeschrevene of gemeente op grond van artikelen 2.40 vijfde lid, 2.45 leden 2 tot en met 5 en 2.50 van de wet;
  • - bij niet voldoen aan de identiteitsplicht zoals genoemd in artikel 2.52 van de wet.