In de begroting wordt aangegeven welke bijdrage iedere deelnemer verschuldigd is voor instandhouding van de bedrijfsvoeringsorganisatie en het uitvoeren van de basistaken.
Voorschotten voor de instandhoudingskosten en het uitvoeren van de basistaken worden in de eerste maand van elk kwartaal door de bedrijfsvoeringsorganisatie aan de deelnemers gefactureerd. De basis hiervoor vormt de begroting van het betreffende jaar.
Voorschotten voor de kosten van de aanvullende dienstverlening worden in de eerste maand van elk kwartaal door de bedrijfsvoeringsorganisatie aan de deelnemers gefactureerd. Een en ander wordt vastgelegd in de dienstverleningsovereenkomst die met de betreffende deelnemer wordt afgesloten.
De deelnemers dragen er zorg voor dat de bedrijfsvoeringsorganisatie te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al haar verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen.
Indien het bestuur blijkt dat een deelnemer weigert de bijdragen aan de Bedrijfsvoeringsorganisatie op zijn begroting te zetten, doet het onverwijld aan gedeputeerde staten het verzoek over te gaan tot toepassing van de artikelen 194 en 195 Gemeentewet. Artikel 10a van de wet is van overeenkomstige toepassing.