5.1 Besluitvlakomschrijving
De voor 'Recreatie-Golfaccommodatie' aangewezen gronden zijn bestemd voor:
een golfaccommodatie, met daarbij behorende driving range en schuilgelegenheden;
aan de functie onder a. ondergeschikte detailhandel gericht op de golfsport;
een clubgebouw ten behoeve van de onder a. genoemde functie, uitsluitend ter plaatse van het besluitsubvlak ‘specifieke vorm van sport-clubgebouw (ss-c)’;
sportvelden, uitsluitend ter plaatse van het besluitsubvlak ‘sportveld (spv)’;
aan de functie onder d. ondergeschikte horeca in de vorm van een sportkantine, uitsluitend ter plaatse van het besluitsubvlak 'specifieke vorm van sport-kantine (ss-k)';
een parkeerterrein, uitsluitend ter plaatse van het besluitsubvlak ‘parkeerterrein (p)’;
een skihelling, uitsluitend ter plaatse van het besluitsubvlak ‘specifieke vorm van recreatie-skihelling (sr-sh)’;
in- en uitritten ten behoeve van de ontsluiting van de onder a. tot en met g. genoemde functies;
aan de functies onder a. tot en met e. ondergeschikte opslag;
een antennemast, uitsluitend ter plaatse van het besluitsubvlak ‘antennemast [am]’;
extensieve (dag)recreatie;
groenvoorzieningen;
bestaande wegen;
fiets- en voetpaden en overige verhardingen;
water en waterhuishoudkundige voorzieningen;
additionele voorzieningen.
5.2 Bouwregels
5.2.1 Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende bepalingen:
gebouwen mogen alleen binnen de besluitsubvlakken ‘specifieke vorm van sport-clubgebouw (ss-c)’, ‘specifieke bouwaanduiding-driving range [sba dr]‘en ‘sportveld (spv)’ worden gebouwd;
de besluitsubvlakken ‘specifieke vorm van sport-clubgebouw (ss-c)’ en ‘specifieke bouwaanduiding-driving range [sba-dr]‘ mogen geheel worden bebouwd;
ter plaatse van het besluitsubvlak ‘sportveld (spv)’ mag het bebouwingspercentage niet meer bedragen dan ter plaatse van het besluitsubvlak ‘maximum bebouwingspercentage (%)’ is aangegeven;
de goothoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m)' is aangegeven.
de dakhelling mag niet meer dan 30° bedragen.
5.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende bepalingen:
deze mogen binnen het gehele besluitvlak worden gebouwd, met uitzondering van ballenvangers, die uitsluitend binnen het besluitsubvlak ‘specifieke bouwaanduiding-ballenvangers [sba-bv]’ mogen worden gebouwd;
de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer dan 1,5 meter bedragen;
de bouwhoogte van een antennemast ter plaatse van het besluitsubvlak ‘antennemast [am]‘mag niet meer bedragen dan 40 meter;
schuilgelegenheden mogen binnen het gehele besluitvlak worden gebouwd, met dien verstande dat:
de oppervlakte per schuilgelegenheid maximaal 25 m² mag bedragen;
het gezamenlijke oppervlak van de schuilgelegenheden niet meer mag bedragen dan 100 m²;
de maximale bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 3,5 meter.
de bouwhoogte van artistieke kunstwerken mag niet meer bedragen dan 8 meter;
de bouwhoogte van ballenvangers mag niet meer bedragen dan 20 meter;
de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 15 meter.
5.2.3 Additionele voorzieningen
Voor het bouwen van gebouwen ten behoeve van additionele voorzieningen gelden de volgende bepalingen:
deze mogen zowel binnen het gehele besluitvlak worden gebouwd;
de bouwhoogte van een gebouw ten behoeve van additionele voorzieningen mag niet meer bedragen dan 3,5 meter;
de oppervlakte van een gebouw ten behoeve van additionele voorzieningen mag niet meer bedragen dan 15 m2.
5.3 Nadere eisen
Burgemeester en Wethouders kunnen nadere eisen stellen ten behoeve van:
het voorkomen van een onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden en het woon- en leefklimaat van de aangrenzende gronden en bouwwerken;
de situering, de oppervlakte en de bouwhoogte van bebouwing en de aard, hoogte en situering van erfafscheidingen;
de verkeersveiligheid;
de sociale veiligheid;
de brandveiligheid en rampenbestrijding.
5.4 Afwijken van de bouwregels
Burgemeester en Wethouders kunnen bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in:
artikel 5 lid 1 sub m. ten behoeve van het verleggen van bestaande wegen met maximaal 25 meter;
artikel 5 lid 2.1 sub a. ten behoeve van het bouwen van maximaal drie gebouwen binnen het besluitvlak ‘Recreatie-Golfaccommodatie’ met een oppervlakte van maximaal 500 m² per gebouw en een maximale goothoogte van 3,5 meter ten behoeve van beheer, onderhoud en faciliteiten ten behoeve van bezoekers respectievelijk gebruikers van de gronden.
5.5 Specifieke gebruiksregels
5.5.1 Detailhandel ten behoeve van de golfsport
Het maximale vloeroppervlak ten behoeve van de onder artikel 5 lid 1 sub b. aangegeven ondergeschikte detailhandelsfunctie gericht op de golfsport mag niet meer bedragen dan 200 m².
5.5.2 Strijdig gebruik
Onder strijdig gebruik wordt in elk geval verstaan het gebruik van gronden en/of bouwwerken:
als staan- of ligplaats voor onderkomens;
als parkeerterrein, anders dan ter plaatse van besluitsubvlak ‘parkeerterrein (p)’;
voor het beproeven van voertuigen, de beoefening van de motorsport en het houden van wedstrijden met motorrijtuigen of bromfietsen;
voor het racen of crossen met motorrijtuigen, mountainbikes of bromfietsen;
voor militaire oefeningen;
voor het winnen van bosstrooisel of mos;
als staanplaats voor wagens, geschikt en bestemd voor de uitoefening van handel;
voor de plaatsing van kampeermiddelen;
voor ambachtelijke of industriële doeleinden;
voor groothandel en/of detailhandel, anders dan ondergeschikte detailhandel als bedoeld in artikel 5 lid 1 sub b. en in de omvang als bedoeld in artikel 5 lid 4. sub 1.;
voor horeca, anders dan ondergeschikte horeca zoals bedoeld in artikel 5 lid 1 sub e.;
voor transport- of garagedoeleinden;
voor opslagdoeleinden, anders dan opslagdoeleinden zoals bedoeld in artikel 5 lid 1 sub i.
5.6 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
5.6.1 Verbod
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde of van werkzaamheden van Burgemeester en Wethouders de volgende werken, geen bouwwerken zijnde uit te voeren:
het ontginnen, verlagen of afgraven van de bodem dieper dan 1,0 meter beneden het bestaande maaiveld, anders dan normaal spitwerk en
het ophogen en/of egaliseren van de bodem met meer dan 1,0 m. boven het bestaande maaiveld (dit geldt ook in geval deze werkzaamheden moeten worden uitgevoerd in het kader van bodemsanering);
5.6.2 Uitzondering
Het in artikel 5 lid 6.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke:
het normale onderhoud betreffen dan wel van ondergeschikte betekenis zijn en/of voortvloeien uit het normale gebruik overeenkomstig het besluitvlak;
op het tijdstip van het van kracht worden van het plan in uitvoering zijn, dan wel krachtens een voor dat tijdstip aangevraagd vergunning of anderszins mogen worden uitgevoerd.
5.6.3 Toelaatbaarheid
De werken of werkzaamheden als bedoeld onder artikel 5 lid 6.1 zijn slechts toelaatbaar, indien hierdoor geen schade wordt of kan worden toegebracht aan de aanwezige en potentiële landschappelijke waarden van de betreffende gronden.