Naar hoofdinhoud
1. . Als de belanghebbende een door het college opgelegde nadere verplichting als bedoeld in artikel 55 van de Participatiewet niet of onvoldoende nakomt, wordt een verlaging toegepast van 30% gedurende 1 maand. 2. . In afwijking van lid 1 wordt de verlaging vastgesteld op 100%, als door het niet of onvoldoende nakomen van de nadere verplichtingen de uitkering daardoor niet beëindigd of verminderd kan worden en onnodig moet worden verstrekt. 3. . Als de belanghebbende zich binnen 12 maanden na bekendmaking van het besluit als bedoeld in lid 1 of lid 2 van dit artikel opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging als bedoeld in dit artikel wordt een verlaging opgelegd van 30% gedurende 2 maanden als sprake is van een gedraging als bedoeld in lid 1 en 100% gedurende 2 maanden als sprake is van een gedraging als bedoeld in lid 2 van dit artikel. 4. . Als de belanghebbende zich binnen 12 maanden na bekendmaking van het besluit als bedoeld in lid 3 van dit artikel opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging als bedoeld in dit artikel wordt een verlaging opgelegd van 30% gedurende 3 maanden als sprake is van een gedraging als bedoeld in lid 1 en 100% gedurende 3 maanden als sprake is van een gedraging als bedoeld in lid 2 van dit artikelen.

Rechtspraak bij dit artikel