**1..** Als sprake is van 1 gedraging die schending oplevert van meerdere in deze verordening of artikel 18, lid 4, of artikel 18b van de Participatiewet, genoemde verplichtingen wordt 1 verlaging opgelegd. Voor het bepalen van de hoogte en duur van de verlaging wordt uitgegaan van de gedraging waarop de hoogste verlaging is gesteld.
**2..** Als sprake is van meerdere gedragingen die schending opleveren van 1 of meerdere in deze verordening of artikel 18, lid 4, of artikel 18b, van de Participatiewet, genoemde verplichtingen, wordt voor iedere gedraging een afzonderlijke verlaging opgelegd met een maximum van 100% gedurende 1 maand. Deze verlaging worden gelijktijdig opgelegd, tenzij dit gelet op de ernst van de gedraging, de mate van verwijtbaarheid en de omstandigheden van de belanghebbende niet verantwoord is.
**3..** Als sprake is van 1 gedraging die schending oplevert van zowel een in deze verordening of artikel 17, lid 1, artikel 18, lid 4, of artikel 18b van de Participatiewet genoemde verplichtingen, wordt geen verlaging opgelegd, voor zover voor het schenden van de inlichtingenverplichting een bestuurlijke boete wordt opgelegd.
**4..** Als er sprake is meerdere gedragingen die schending opleveren van zowel een in deze verordening, artikel 17, lid 1, artikel 18, lid 4 of artikel 18b van de Participatiewet genoemde verplichtingen, waarvoor een bestuurlijke boete kan worden opgelegd, wordt voor iedere gedraging een afzonderlijke verlaging opgelegd, tenzij dit gelet op de ernst van de gedraging, de mate van verwijtbaarheid en de omstandigheden van de belanghebbende niet verantwoord is.
HOODSTUK 6.
Artikel 15.