• - De verlaging, bij gedragingen als bedoeld in de artikelen 7 en 8 van deze verordening, wordt vastgesteld op:
    • - 10% van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de eerste categorie;
    • - 50% van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de tweede categorie;
    • - 100% van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de derde categorie.
  • - Voor onderdeel 1c geldt dat wanneer bijzondere omstandigheden dit rechtvaardigen, kan de maatregel verrekend worden over maximaal drie maanden.