Naar hoofdinhoud
Een PGB voor een maatwerkvoorziening wordt alleen verstrekt indien de inwoner een onderbouwd PGB-plan indient. Dit kan gekoppeld worden aan het onderzoeksverslag dat als aanvraag kan dienen. Door het opstellen van een gemotiveerd PGB-plan wordt de inwoner gestimuleerd na te denken over zijn zorgvraag, deze uit te werken en te concretiseren, en tevens het doelbereik en daarmee de kwaliteit van de zorg te evalueren. Uit het plan moet ten minste blijken: Wat de motivatie is om een aanvraag voor een PGB in te dienen; Op welke wijze de inwoner of diens vertegenwoordiger beschikt over voldoende eigen kracht en eigen regie om een PGB te kunnen beheren (zie ook bijlage 7: protocol bekwaamheid PGB); Op welke wijze een PGB aantoonbaar leidt tot de gewenste resultaten; Op welke wijze de kwaliteit is geborgd (kwalificatie zorgverlener m.n.); Hoe de veiligheid is geborgd; Hoe de gestelde doelen worden bereikt; Hoe en wanneer wordt geëvalueerd; Hoe de ondersteuning is afgestemd op de inwoner; Bij ondersteuning van kinderen is een VOG (Verklaring omtrent gedrag) van de zorgverlener vereist, deze verplichting geldt niet voor zorgverleners uit het sociale netwerk; Wie hij/zij inhuurt, en wat deze levert; De beoogde resultaten van de hulpverlening en ondersteuning; Wat de verwachte duur en omvang van de hulp en ondersteuning is; hoe hij/zij de achtervang bij vakantie en ziekte regelt (bij inzet sociaal netwerk) Een begroting (o.a. wat de zorg kost en hoe deze kosten zijn berekend). De kwaliteit van de zorg die ingezet wordt met een PGB moet van vergelijkbare kwaliteit zijn als de dienstverlening in zorg in natura. In het PGB-plan dient te worden aangetoond op welke wijze deze kwaliteit geborgd is. Een PGB-houder is in eerste instantie zelf verantwoordelijk voor de kwaliteit van de zorg die hij inkoopt. Immers, niet de gemeente, maar de PGB-houder zelf kiest de aanbieder en maakt de afspraken. De PGB-houder zelf is hiermee opdrachtgever of werkgever voor de door hem ingehuurde ondersteuning. Het college moet formeel toetsen of de kwaliteit voldoende geborgd is en beoordelen of de ingekochte hulp veilig, doeltreffend en inwonergericht is. Hierbij weegt mee of de diensten, hulpmiddelen en andere maatregelen in redelijkheid geschikt zijn voor het doel waarvoor het PGB wordt verstrekt. Deze eisen worden vooraf aan de inwoner kenbaar gemaakt. Wanneer de ingekochte hulp niet voldoet aan de gestelde kwaliteitseisen kan het college besluiten geen PGB te verstrekken of het PGB te beëindigen en eventueel terug te vorderen. De kwaliteit en effectiviteit van de ondersteuning zal gemonitord worden. Denk hierbij aan periodieke gesprekken met inwoners, steekproefsgewijze controles en het reageren op signalen van de SVB of anderen binnen of buiten de gemeente. De controle op de kwaliteit van de hulp en ondersteuning blijft primair liggen bij de PGB-houder.

Rechtspraak bij dit artikel