1.. De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de totale lasten en de totale baten op programmaniveau. De autorisatie vindt in de begroting als volgt plaats:

  • - budgetten: via het overzicht van lasten en baten;
  • - investeringen in het Meerjarig Investeringsplan: via de uiteenzetting financiële positie.

2.. Voor de autorisatie van overige investeringskredieten legt het college afzonderlijke voorstellen, exploitatie- of onderhoudsplannen aan de raad ter vaststelling voor;

3.. De raad stelt in de Kadernotitie budgetautorisatie de kaders vast voor de autorisatie van begrotingswijzigingen in de loop van het begrotingsjaar. Daarbij worden de volgende soorten begrotingswijzigingen en autorisatieniveaus onderscheiden:

  • - beleid en kaders: vaststelling door de raad op afzonderlijk voorstel van het college;
  • - beheer en uitvoering: vaststelling door de raad via een verzamelwijziging met toelichtend voorstel van het college;
  • - administratie en techniek: vaststelling op ambtelijk niveau via een technische wijziging.