1. Op grond van deze verordening kan het college een GRD-bijdrage of een GRD-hypotheek toekennen voor het treffen van voorzieningen.
2. De grondslag voor de GRD-hypotheek of de hoogte van de GRD-bijdrage wordt met inachtneming van de artikelen 6 en 7 berekend over de subsidiabele kosten van voorzieningen, met uitzondering van de kosten waarvoor op grond van enig andere regeling een financiering of subsidie kan worden verkregen. De stapeling van regelingen is toegestaan, mits de regelingen aanvullend werken.
3. De GRD-hypotheek of de GRD-bijdrage wordt verstrekt aan de eigenaar van het monument waaraan de voorzieningen worden getroffen.
4. Fiscaal relevante eigenaren komen in aanmerking voor een GRD-hypotheek.
5. Niet-fiscaal relevante eigenaren komen in aanmerking voor een GRD-bijdrage.
6. De bewijslast van de fiscale status ligt bij de eigenaar.
7. Om voor een GRD-hypotheek of een GRD-bijdrage in aanmerking te komen dienen de totale subsidiabele kosten ten minste 2% te bedragen van de op basis van de taxatie voor Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) voor het monument vastgestelde waarde (de WOZ-waarde). De bewijslast van de WOZ-waarde ligt bij de eigenaar. Indien van het monument geen WOZ-waarde bekend is, kan de eigenaar voor eigen rekening en risico door een deskundige een taxatierapport laten opstellen waarin de waarde in het economisch verkeer van het monument is vastgesteld.
8. In geval van schade door brand of calamiteit worden de goedgekeurde subsidiabele kosten berekend uit de kosten van de te treffen voorzieningen minus de dekking van de uit te keren verzekeringsgelden.
9. Voor een bijdrage in het meerwerk kan door de eigenaar een aanvullend financierings- of subsidieverzoek worden ingediend, waarbij geldt dat:
a. een verzoek voor een aanvullende financiering of subsidie slechts kan worden gehonoreerd als voldaan is aan artikel 6, lid 3 en artikel 7, lid 4 en de voorwaarden als bedoeld in de in artikel 1, lid 1 onder e opgenomen omschrijving van subsidiabele kosten, alsmede het bepaalde in lid 10 van dit artikel;
b. de eigenaar aan de toekenning van de oorspronkelijke aanvraag geen enkel recht op een aanvullende financiering of subsidie kan ontlenen.
10. Een GRD-hypotheek of een GRD-bijdrage wordt slechts verstrekt voor zover de deelbudgetten als bedoeld in artikel 4, lid 2 toereikend zijn.
11. Het college kan in geval een fiscaal relevante eigenaar aantoonbaar geen of nauwelijks fiscale aftrekmogelijkheden bezit, een uitzondering maken op het gestelde in lid 4 en de eigenaar beschouwen als een niet-fiscaal relevante eigenaar en handelen volgens lid 5.
Hoofdstuk
Artikel 5
Grondslag en werkingssfeer
Onderdeel van Subsidieverordening Gemeentelijk Restauratiefonds Dordrecht