De subsidieontvanger verricht de activiteiten, waarvoor de subsidie is verleend.
Bij subsidies hoger dan € 75.000, verleend voor activiteiten die meer dan een jaar in beslag nemen, kan de verplichting worden opgelegd tot het tussentijds afleggen van rekening en verantwoording over de tot dan verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten. De verantwoording wordt niet vaker dan één keer per jaar verlangd.
Het college kan, al dan niet middels een beleidsregel, in aanvulling op dit artikel en artikel 4:37 Awb, aan een beschikking tot subsidieverlening tevens andere verplichtingen als bedoeld in de artikelen 4:38 en 4:39 Awb verbinden.
Het college is bevoegd om verplichtingen aan de beschikking tot subsidieverlening te verbinden met betrekking tot het beheer en gebruik van de subsidie en het beheer en gebruik van hetgeen met de subsidie tot stand is gebracht.
Het college kan aan een beschikking tot subsidieverlening de verplichting verbinden dat een subsidieontvanger aan het college een vergoeding van vermogenswaarden verschuldigd is in gevallen als bedoeld in artikel 4:41, tweede lid, Awb. Daarbij wordt tevens aangegeven hoe de hoogte van de vergoeding wordt bepaald.
Als aannemelijk is dat een of meer van de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend niet, niet tijdig of niet geheel zullen worden verricht of dat niet, niet tijdig of niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen zal worden voldaan, meldt de subsidieontvanger dat onverwijld schriftelijk aan het college.
Een subsidieontvanger informeert het college verder onverwijld schriftelijk over:
beslissingen of procedures die zijn gericht op de beëindiging van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, of tot ontbinding van de gesubsidieerde rechtspersoon;
relevante wijzigingen in de financiële en organisatorische verhouding met derden;
ontwikkelingen die ertoe kunnen leiden dat aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen niet, niet tijdig of niet geheel zullen kunnen worden nagekomen;
wijziging van de statuten voor zover het betreft de rechtsvorm van de gesubsidieerde rechtspersoon en het doel van de rechtspersoon;
wijziging van de persoon van de bestuurder of bestuurders van de subsidieontvanger;
een zodanige wijziging van de activiteiten van de subsidieontvanger, waardoor de subsidieontvanger activiteiten gaat ontplooien, waarbij minderjarigen of wilsonbekwame personen zijn betrokken, zoals bedoeld in het eerste lid van artikel 13.
De subsidieontvanger behoeft de toestemming van het college voor handelingen als vermeld in artikel 4:71 Awb.
Hoofdstuk
Artikel 12.
Verplichtingen van subsidieontvanger
Onderdeel van Algemene subsidieverordening gemeente Emmen 2017