Naar hoofdinhoud

Artikel 3.8.

De bevoorschotting van de tegemoetkoming

Onderdeel van VERORDENING tegemoetkoming kinderopvang

De subsidieverlening vindt plaats in de vorm van maandelijkse voorschotten. Dit betekent dat het totale bedrag van de tegemoetkoming waarop de aanvrager recht op heeft wordt verdeeld in maandelijkse termijnen. De gemeente betaalt de tegemoetkoming uit aan de ouder. De ouder kan, al dan niet op verzoek van het kindercentrum of het gastouderbureau, de gemeente machtigen om de betalingen rechtstreeks aan dat kindercentrum of gastouderbureau te doen. Deze machtiging verandert juridisch niets aan de verhouding tussen de gemeente en de ouder. Er blijft juridisch gezien een betaling van gemeente aan ouder. Het tweede lid geeft het college de bevoegdheid om nadere voorschriften te verbinden aan de wijze van bevoorschotting van de tegemoetkoming. Zo kan het college bepalen dat er alleen een voorschot wordt betaald op basis van een factuur van het kindercentrum of gastouderbureau. Wanneer het college twijfels heeft over het daadwerkelijke gebruik van kinderopvang door een ouder, dan kan een dergelijke voorwaarde gesteld worden.

Rechtspraak bij dit artikel