Er kunnen twee vormen van schending van de inlichtingenplicht worden onderscheiden:
het betreffende kind maakt geen of in mindere mate gebruik van kinderopvang;
de ouder heeft geen recht op de tegemoetkoming omdat hij of zij niet tot de gemeentelijke doelgroep behoort.
Als een ouder de inlichtingenplicht schendt en als gevolg hiervan ten onrechte een tegemoetkoming heeft ontvangen of tot een te hoog bedrag, dan kan het college de beschikking tot het verlenen of tot het vaststellen van de tegemoetkoming intrekken of herzien en het te veel betaalde bedrag terugvorderen.
Het college hoeft niet te wachten met het treffen van een maatregel totdat het besluit tot verlening van de tegemoetkoming is ingetrokken of gewijzigd. Het college kan al eerder besluiten om de betaling van de tegemoetkoming op te schorten. Dit kan wanneer het college het ernstige vermoeden heeft dat er grond bestaat om de beschikking tot verlening van de tegemoetkoming in te trekken of te wijzigen.
Ook als de tegemoetkoming al is vastgesteld, is het college bevoegd om in bepaalde gevallen de beschikking tot het vaststellen van de tegemoetkoming in te trekken of ten nadele van de ontvanger te wijzigen. Het gaat om de volgende gevallen:
er is sprake van feiten of omstandigheden waarvan het college bij de vaststelling van de tegemoetkoming redelijkerwijs niet op de hoogte kon zijn en op grond waarvan de tegemoetkoming lager dan overeenkomstig de verlening van de tegemoetkoming zou zijn vastgesteld;
de vaststelling van de tegemoetkoming was onjuist en de ontvanger van de tegemoetkoming wist dit of behoorde dit te weten;
de ontvanger van de tegemoetkoming heeft na de vaststelling van de tegemoetkoming niet voldaan aan de aan de tegemoetkoming verbonden verplichtingen.
De subsidievaststelling kan niet meer worden ingetrokken of ten nadele van de ontvanger worden gewijzigd wanneer vijf jaren zijn verstreken sinds de dag waarop zij is bekendgemaakt.