1.. Het intern controle protocol beschrijft ten aanzien van de wijze van controleren, bedoeld in artikel 2.5e, eerste lid, onder a en b:

  • - de manier waarop informatie wordt verzameld om te controleren;
  • - de frequentie van de controles;
  • - de locatie van de controles;
  • - de tijden waarop de controles van de individuele chauffeurs worden verricht.

2.. In de beschrijving, bedoeld in het eerste lid wordt een onderverdeling gemaakt naar:

  • - de normen- en waarden uit het normen- en waardenprotocol;
  • - de maatregelen uit het maatregelenprotocol;
  • - de standplaatsen en omgeving van de standplaatsen, en
  • - de risicofactoren uit de risicoanalyse.