Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Beoordelingsreglement

Voor de toepassing van dit reglement wordt met de hiernavolgende begrippen bedoeld: • medewerker : de medewerker wiens werk wordt beoordeeld; • medewerkerbeoordeling: het oordeel over de manier, waarop de medewerker zijn functie heeft vervuld, tegen de achtergrond van de (generieke) functie, die de medewerker in het beoordelingstijdvak vervult; het competentieprofiel dat bij de functie hoort en de resultaatgerichte afspraken die zijn gemaakt in het beoordelingsgesprek. • Beoordelingsgesprek: Gesprek tussen de beoordelaar en medewerker waarin de beoordeling wordt besproken. • functioneringsgesprek: het gesprek halverwege het jaar, waarin de gemaakte afspraken geëvalueerd en zo nodig bijgesteld worden. • resultaatgerichte afspraken afspraken gemaakt tijdens het beoordelingsgesprek over competenties, werkzaamheden en persoonlijke ontwikkeling. • beoordelaar : de direct leidinggevende van de medewerker, of diens vervanger • beoordelingsadviseur : De P&O adviseur van de eenheid waar de medewerker werkzaam is. • het College: Het College van Burgemeester en Wethouders

Rechtspraak bij dit artikel