Lid 1
Van de medewerker wordt jaarlijks, tijdens een beoordelingsgesprek een medewerkerbeoordeling opgemaakt.
Lid 2
Buiten het in lid 1 genoemde moment kan een medewerkerbeoordeling worden opgemaakt, voorzover daar naar het oordeel van direct leidinggevende of de betrokken medewerker aanleiding toe bestaat. (b.v. i.v.m. extra periodieke verhoging of het niet verhogen in salarisanciënniteit).