De inwoner moet in staat zijn om het vervoermiddel waar hij eventueel voor in aanmerking komt, veilig te besturen. Hiervan wordt een inschatting gemaakt op basis van het verkeersverleden van inwoner (rijbewijs, fietservaring etc.) en zijn of haar beperkingen. Als het niet duidelijk is of inwoner verkeersveilig is, dan kan de gemeente een aantal observatielessen laten plaatsvinden.
Hoofdstuk 9. › Paragraaf 9.1
Artikel 9.1.2
Verkeersveilig
Onderdeel van Beleids- en nadere regels WMO De Bilt 2017