Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5.3.

HANDHAVING EN OVERGANGSREGELING

Onderdeel van Beeld van de binnenstad; Beleidsnota gevels, reclame, terrassen en uitstallingen binnenstad Hulst, 2017

Het functioneren van deze nota valt of staat met de handhaving ervan. Wanneer er onvoldoende draagvlak is om te handhaven, kan dit beleid geen stand houden. Uitzonderingen op het beleid moeten, in verband met het gelijkheidsbeginsel, altijd goed worden gemotiveerd. Is dit niet mogelijk dan dient er een belangenafweging plaats te vinden. Dit geldt voor de gevallen als er geen vergunning is aangevraagd of als de uitvoering afwijkt van de vergunning. De eigenaar wordt dan in de gelegenheid gesteld om (alsnog of opnieuw) een vergunning aan te vragen, mits deze kan worden gelegaliseerd. Als niet wordt voldaan aan de gestelde richtlijnen kan de vergunning worden geweigerd. Bij niet naleving van de voorschriften kan een last onder bestuursdwang of een last onder dwangsom worden toegepast. Een last onder bestuursdwang houdt in dat het betreffende bouwwerk, reclame, uitstalling of terras wordt verwijderd op kosten van de overtreder. In het geval er een last onder dwangsom wordt opgelegd wordt een bepaald bedrag, met een bepaald maximum, verbeurd verklaard voor ineens, iedere keer of voor elk tijdvak, dat de opgelegde last wordt overtreden. Opsporing van overtredingen op grond van de APV is een taak van de politie en de bijzondere opsporingsambtenaren. Het toezicht en handhaving is een reguliere taak van de gemeente. Een bestaand object - zijnde een bouwwerk - mag niet in ernstige mate in strijd zijn met redelijke eisen van welstand. Ook reclame-uitingen waarvoor geen vergunningplicht geldt, moeten aan minimale welstandseisen voldoen (art 12 lid 1 Woningwet). De gemeente kan dan handhavend optreden en de eigenaar verplichten tot het treffen van maatregelen om de strijdigheid ongedaan te maken (artikel 13a Woningwet). Er moet duidelijk sprake zijn van een exces. Wanneer sprake is van een exces is nader geregeld in de excessenregeling zoals opgenomen in de Nota Ruimtelijke Kwaliteit. De bestaande bouwwerken, reclames, uitstallingen en terrassen die geplaatst zijn met de benodigde vergunningen maar afwijken van dit beleid, worden gerespecteerd. Voor deze gevallen geldt een zogenaamde ‘uitsterfconstructie’. Dat wil zeggen dat de rechten van de vergunninghouders worden gerespecteerd en dat bestaande vergunde objecten kunnen blijven hangen of staan. Om verloedering te voorkomen kan het college 5 jaar na vaststelling van deze nota besluiten reclames, uitstallingen en terrassen die niet voldoen aan de gestelde richtlijnen alsnog te handhaven. Dit geldt dus niet voor de vergunde bouwwerken zoals dakkapellen en erfafscheidingen. Indien gemeente na 5 jaar besluit algemeen of specifiek niet te handhaven zal dat beargumenteerd moeten worden. Bij bestaande gevallen waarvoor geen vergunning is verleend of die afwijken van een vergunning, en bij een exces kan het college nu al handhaven en moeten eventuele aanpassingen voldoen aan de nieuwe richtlijnen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel