De hoogte van de tegemoetkoming is gebonden aan het subsidieplafond dat jaarlijks op basis van de Algemene subsidieverordening 2015 door de gemeenteraad wordt vastgesteld.
De hoogte van de tegemoetkoming wordt jaarlijks door het college bepaald aan de hand van:
de kostprijs van de reguliere kortdurende peuteropvang en VVE peuteropvang zoals berekend door de houder op basis van reële en begrote kosten uit de laatst vastgestelde jaarrekening en begroting voor het jaar waarvoor de tegemoetkoming van toepassing is;
het maximumuurtarief zoals gehanteerd door de belastingdienst bij de berekening van de kinderopvangtoeslag;
de eigen bijdrage van de ouders gebaseerd op de VNG Adviestabel ouderbijdrage peuteropvang van het jaar waarvoor de tegemoetkoming van toepassing is.
De hoogte van de tegemoetkoming is:
Voor ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag en zonder VVE: kostprijs per uur reguliere peuteropvang -/- de eigen bijdrage per uur, 6 uur per week, 40 weken per jaar;
Voor ouders met recht op kinderopvangtoeslag en met VVE: kostprijs per uur VVE peuteropvang -/- maximumuurtarief belastingdienst, 6 uur per week, 40 weken per jaar +/+ kostprijs per uur VVE peuteropvang, minimaal 4 en maximaal 6 uur per week, 40 weken per jaar;
Voor ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag en met VVE: kostprijs per uur VVE peuteropvang -/- de eigen bijdrage per uur, 6 uur per week, 40 weken per jaar +/+ kostprijs per uur VVE peuteropvang, minimaal 4 en maximaal 6 uur per week, 40 weken per jaar;
Voor ouders met recht op kinderopvangtoeslag en zonder VVE: kostprijs per uur reguliere peuteropvang -/- maximumuurtarief belastingdienst, 6 uur per week, 40 weken per jaar.
Hoofdstuk 8.
Artikel 8.4