Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 8

Artikel 34

Kosten woninginrichting

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand en minimaregelingen gemeente Barneveld

1.. Voor de kosten van een volledige woninginrichting met duurzame gebruiksgoederen (daaronder begrepen de kosten van vloerbedekking) van het door belanghebbende en zijn gezin te betrekken nieuwe hoofdverblijf kan bijzondere bijstand worden verstrekt als deze kosten voortvloeien uit: buitengewone bijzondere omstandigheden of er noodzaak en/of verplichting is tot verhuizen naar het nieuwe hoofdverblijf of sprake is van gezinshereniging en in alle gevallen de kosten niet voorzienbaar waren en/of geen reservering voor deze kosten mogelijk is geweest. 2.. Er is in ieder geval sprake van omstandigheden als bedoeld in het voorgaande lid als sprake is van: een verhuisverplichting vanwege het bewonen van een woning met woonkosten die meer bedragen dan de maximale subsidiabele huur naar een woning met lagere lasten; het bewonen van een woning met woonkosten die meer bedragen dan de toepasselijke aftoppingsgrens (Hsw) naar een woning waarvoor de woonkosten niet meer bedragen dan de kortingsgrens; een medische noodzaak tot verhuizen. 3.. Er wordt uitsluitend bijzondere bijstand voor de kosten van vloerbedekking verstrekt voor zover deze ontbreekt in het nieuwe hoofdverblijf. 4.. De bijzondere bijstand voor de kosten van woninginrichting met duurzame gebruiksgoederen en vloerbedekking wordt verstrekt in de vorm van een (renteloze) lening. 5.. Een persoonlijke lening bij een commerciële bank of stadsbank geldt als een passende en toereikende voorliggende voorziening voor deze kosten. 6.. Indien als gevolg van buitengewone bijzondere omstandigheden geen lening kan worden afgesloten als bedoeld in het voorgaande lid en geen leenbijstand kan worden verstrekt, wordt de bijstand om niet verstrekt. Tot deze omstandigheden behoren in ieder geval een stabilisatieovereenkomst in het kader van schulddienstverlening en een wettelijke of minnelijke schuldsanering. 7.. De hoogte van de te verstrekken bijzondere bijstand wordt bepaald aan de hand van de richtprijzen zoals die zijn vermeld in de Nibud-Prijzengids waarbij belanghebbende geacht wordt de noodzakelijke goederen zo goedkoop mogelijk en zo nodig tweedehands dan wel kosteloos te verwerven. 8.. De maximaal te verstrekken bijzondere bijstand voor de volledige woninginrichting met duurzame gebruiksgoederen en de vloerbedekking is afhankelijk van de huishoudsamenstelling, de aard en grootte van het te betrekken hoofdverblijf; de toepasselijke (maximum)bedragen zijn opgenomen in het Normenblad. 9.. Als voorliggende voorziening wordt in alle gevallen beschouwd een tegemoetkoming in voornoemde kosten waarop aanspraak kan worden gemaakt bij de werkgever van belanghebbende krachtens een CAO, op grond van een individuele arbeidsovereenkomst dan wel aanstelling. 10.. Als belanghebbende binnen 60 maanden na een eerdere toekenning van bijzondere bijstand voor deze kosten weer een aanvraag voor deze kostensoort indient in verband met het betrekken van een ander hoofdverblijf, wordt, als op grond van dit artikel wederom bijzondere bijstand voor deze kosten wordt toegekend, het in de voorafgaande periode van 60 maanden toegekende bedrag (of de toegekende bedragen) daarop in mindering gebracht, ongeacht of sprake was van toekenning ‘om niet’ of als (renteloze) lening.

Rechtspraak bij dit artikel