**1..** De commissie heeft tot taak:
de raad te adviseren over toepassing van artikel 3; Indien het college van mening is dat er redenen zijn om een inleidend verzoek niet in te willigen op grond van artikel 3, stelt het de referendumcommissie hiervan tijdig in kennis.
de raad in alle gevallen een voorstel te doen voor de vraagstelling en antwoordcategorieën van een referendum, binnen 10 werkdagen nadat het inleidend verzoek is ingewilligd.
Toezicht te houden op de uitvoering van de verordening.
de raad te adviseren over de gehouden referenda en van voorstellen en verzoeken die niet tot een referendum hebben geleid.
**2..** De commissie adviseert voorts gevraagd en ongevraagd over aanpassingen van deze verordening, over de bij de referenda en referendumverzoeken te volgen procedure en over alle overige zaken die het referendum betreffen.
**3..** De adviezen van de commissie zijn openbaar.
**4..** De commissie is belast met de afdoening van klachten over de gemeentelijke voorlichting en de wijze waarop campagne gevoerd wordt in het kader van het referendum. De commissie toetst daarbij de gemeentelijke voorlichting aan de eisen van objectiviteit en de campagnevoering aan de eisen van fair play.
**5..** De commissie stelt nadere regels vast voor haar werkwijze en stuurt deze aan de gemeenteraad.
**6..** De hoorzitting voor de behandeling van klachten door de commissie is openbaar. De commissie beraadslaagt achter gesloten deuren over de gegrondheid van klachten.
**7..** De commissie beslist over het openbaar maken van de uitspraken.
Hoofdstuk 5
Artikel 13