Naar hoofdinhoud
Voor de volgende betalingen wordt bepaald dat een geldsom wordt betaald zonder dat dit bij beschikking is vastgesteld: vergoedingen voor werkzaamheden van raads- en commissieleden op grond van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden; bezoldiging en ambtstoelagen van de burgemeester op grond van het Rechtspositiebesluit burgemeesters; bezoldiging en vergoedingen van wethouders op grond van het Rechtspositiebesluit wethouders; vergoedingen van reis- en verblijfkosten op grond van het Reisbesluit binnenland; betalingen op grond van de Beloning- en reiskostenregeling; vergoedingen aan leden van de Commissie bezwaarschriften en Commissie bezwaarschriften personele aangelegenheden; overwerkvergoedingen op grond van de CAR-UWO; vergoedingen aan wethouders, raads- en commissieleden op grond van de Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden; alle betalingen op grond van de Regeling Individueel Keuzebudget; bijdrage op grond van de Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning; vergoedingen op grond van de beleidsregels jubilea en afscheid medewerkers en de beleidsregels geschenken aan ambtenaren; betalingen op grond van de Verordening rekenkamercommissie 2005.

Rechtspraak bij dit artikel