• - Binnen drie maanden na afloop van het kalenderjaar legt elke fractie aan de raad rekening en verantwoording af over de besteding van de in artikel 4 bedoelde vergoeding, onder overlegging van een verslag.
  • - Het verslag vermeldt in elk geval:
    • - het bedrag dat in het voorafgaande kalenderjaar aan vergoeding is ontvangen;
    • - het bedrag van de uitgaven ten laste van de vergoeding over het voorafgaande kalenderjaar;
    • - ten behoeve van welke uitgaven de vergoeding is besteed,en;
    • - het saldo van de inkomsten en uitgaven per 1 januari van het voorafgaande kalenderjaar.
  • - Bij het verslag wordt gevoegd:
    • - een verklaring van de fractie over de juistheid van de overgelegde gegevens. Deze verklaring wordt ondertekend door de fractievoorzitter en zo mogelijk een fractielid, en;
    • - afschriften van facturen en betalingsbewijzen.
  • - De voorzitter van de raad:
    • - brengt het verslag ter kennis van de raad;
    • - legt de bij het verslag behorende facturen en betalingsbewijzen openbaar ter inzage.
  • - In afwijking van het eerste lid wordt door fracties die na verkiezingen of tussentijds als zodanig ophouden te bestaan rekening en verantwoording afgelegd binnen 3 maanden na de verkiezingsdatum respectievelijk de datum van beëindiging van de activiteiten.