In dit besluit wordt verstaan onder:
Organisatie: het totale ambtelijke apparaat van de gemeente dat ten dienste staat van het gemeentebestuur, met uitzondering van het ambtelijk apparaat van de griffie.
Organisatieonderdeel: iedere clustering van organisatie-eenheden binnen de gemeentelijke organisatie, waarvan aan het hoofd een concerndirecteur staat.
Organisatie-eenheid: een afdeling of cluster binnen het organisatieonderdeel, waarvan aan het hoofd een manager staat.
Gemeentesecretaris/algemeen directeur: de secretaris zoals genoemd in artikel 100 Gemeentewet enerzijds en de algemeen directeur zoals genoemd in artikel 7 lid 2 van dit besluit anderzijds.
Concerndirectie: het ambtelijke orgaan dat onder eindverantwoordelijkheid van de gemeentesecretaris/algemeen directeur de ambtelijke organisatie als een collectief aanstuurt, en verder bestaat uit de concerndirecteuren.
Concerndirecteur: directeur belast met de strategische leiding van een organisatieonderdeel en met eindverantwoordelijkheid daarvoor.
Manager: afdelingshoofd of clusterhoofd van een uitvoeringsorganisatie, ontwikkelorganisatie of een ondersteunende organisatie- eenheid.
Team: iedere (taak)eenheid binnen de afdeling of het cluster, waarvan aan het hoofd een teamleider staat.
Concerncontroller: functionaris die toeziet op én onafhankelijk adviseert over de effectieve en efficiënte inzet van middelen binnen de organisatie.
Bedrijfsvoeringsoverleg: overleg waarbinnen besluiten worden genomen die zien op de bedrijfsvoering van de gemeentelijke organisatie in de breedste zin van het woord.
Griffie: de ambtelijke organisatie ter ondersteuning van de raad.
Integraal management: de vorm van werken waarbij de managers en teamleiders verantwoordelijk zijn voor afdeling overstijgende samenwerking en afstemming, de kosten en opbrengsten alsmede de dagelijkse gang van zaken en vanuit de concerndirectie, vanuit hun gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het stelsel van beleids- en uitvoeringsopgaven, worden aangestuurd op resultaten.