**1..** Het college van de nieuwe organisatie neemt zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen 6 maanden na datum herindeling het besluit tot definitieve (niet)plaatsing van medewerkers als bedoeld in artikel 59, lid 3 van de Wet Arhi.
**2..** Het college kan bij dit besluit uitsluitend op grond van zwaarwegende argumenten afwijken van het eerdere besluit van de stuurgroep tot voorlopige plaatsing als bedoeld in de artikelen 4.4 en 4.12. Het college zal dit besluit schriftelijk motiveren.
**3..** Voordat het college afwijkend besluit zoals bedoeld in lid 2, deelt het college het voornemen daartoe mee aan de medewerker en stelt hem in de gelegenheid daarover te worden gehoord. De medewerker kan zich bij het horen laten bijstaan door een adviseur.
**4..** De medewerker die het niet eens is met het besluit van het college kan daartegen bezwaar maken conform de bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.15
Definitieve plaatsing
Onderdeel van Sociaal Plan herindeling gemeenten Rijnwaarden en Zevenaar