Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3:

Artikel 7

Artikel 7

Onderdeel van Deelsubsidieverordening “Topsportregeling”

7.1 De gemeenteraad stelt jaarlijks de hoogte vast van het voor de Topsportregeling beschikbare budget. Dit budget wordt bij aanvang van het begrotingsjaar door het college verdeeld in een budget voor subsidies voor seizoensgebonden activiteiten en een budget voor subsidies voor incidentele activiteiten als bedoeld in artikel 3.2. 7.2 Voor seizoensgebonden topsportactiviteiten, zoals genoemd onder artikel 6.1 lid a., is per sportseizoen maximaal € 2.000,- subsidie beschikbaar. 7.3 Voor incidentele topsportactiviteiten is per topsportactiviteit maximaal € 2.000,- subsidie beschikbaar. 7.4 Subsidies tot en met € 500 worden in één keer uitbetaald. Bij verlening van subsidies hoger dan € 500 wordt 80% van het verleende subsidiebedrag als voorschot betaald. Het restant wordt betaald indien blijkt dat het recht op subsidie na verantwoording conform de verlening is. Teveel ontvangen subsidie wordt op het restant bedrag in mindering gebracht of er kan een bedrag worden teruggevorderd. 7.5 De subsidie voor seizoensgebonden topsportactiviteiten zoals bedoeld in artikel 3.2 lid a. wordt toegekend voor de topsportbeoefening van de aanvrager gedurende telkens één sportseizoen. Om eventueel voor een volgend sportseizoen in aanmerking te kunnen komen voor een topsportsubsidie, moet een nieuwe aanvraag ingediend worden. 7.6 Het college kan aanvragen voor een subsidie op basis van de Topsportregeling als bedoeld in artikel 3.2 lid a. geheel of gedeeltelijk afwijzen, dan wel een generieke korting toepassen indien het voor deze subsidies beschikbare budget niet toereikend is om alle aanvragen te honoreren. 7.7 Het college kan aanvragen voor een subsidie op basis van de Topsportregeling als bedoeld in artikel 3.2 lid b. geheel of gedeeltelijk afwijzen indien het voor deze subsidies beschikbare budget reeds volledig is besteed dan wel niet toereikend is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel