Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4:

Artikel 8

Artikel 8

Onderdeel van Deelsubsidieverordening “Topsportregeling”

8.1. In afwijking van het bepaalde in artikel 2.6 van de Algemene Subsidieverordening Den Helder 2013 wordt bij toekenning van subsidies in het kader van deze deelsubsidieverordening een drempelbedrag van € 500 gehanteerd. 8.2. Subsidies hoger dan € 500 moeten door de subsidieontvanger na afloop inhoudelijk en financieel worden verantwoord: - Bij subsidie voor seizoensgebonden topsportactiviteiten moet aanvrager binnen drie maanden na afloop van het betreffende sportseizoen - dus voor 1 november van het lopende kalenderjaar een verzoek tot vaststelling indienen; - Bij subsidie voor incidentele topsportactiviteiten moet aanvrager binnen 13 weken na afloop van de betreffende activiteit een verzoek tot vaststelling indienen. In beide gevallen moet het vaststellingsverzoek vergezeld gaan van een financieel verslag en inhoudelijk verslag van de sportieve prestaties in het betreffende sportseizoen. Bij het financieel verslag zijn facturen toegevoegd. De subsidie wordt vastgesteld op basis van deze verslagen. Teveel ontvangen subsidie wordt op het restant bedrag in mindering gebracht of er kan een bedrag worden teruggevorderd. 8.3 Mocht blijken dat gedurende het sportseizoen of een deel daarvan geen sprake meer was van topsport, dan kan worden overgegaan tot volledige of gedeeltelijke terugvordering van de verleende subsidie. 8.4. Het college kan een (sub)topsporter vragen om nadere onderbouwing van de ingediende financiële verantwoording.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel