De gemeentelijke verantwoordelijkheid is onderverdeeld in vier taken:
De gemeente besluit na aanmelding door een houder en op advies van de toezichthouder of een voorziening geregistreerd wordt. De gemeente draagt ook zorg voor actuele registratie van kinderdagverblijven, centra voor buitenschoolse opvang, gastouderbureaus, voorzieningen voor gastouderopvang (gastouders) en peuterspeelzalen.
Hiervoor werkt de gemeente met het Landelijke Register Kinderopvang en Peuterspeelzalen (LRKP). Het register is openbaar toegankelijk via www.landelijkregisterkinderopvang.nl.
Alleen wanneer een kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang, gastouderbureau en/of gastouder opgenomen staat in dit LRKP, heeft een ouder mogelijk recht op kinderopvangtoeslag voor een kind dat deze voorziening bezoekt.
Op basis van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen en de aanvullende regelgeving houdt de gemeente toezicht op de kinderopvang en peuterspeelzalen. Hiertoe heeft de gemeente de directeur van de RDOG Hollands Midden aangewezen als toezichthouder.
De toezichthouder beoordeelt de kinderopvang en peuterspeelzalen aan de hand van landelijk opgestelde toetsingskaders. Zij rapporteert via een model inspectierapport haar bevindingen aan de gemeente.
Indien uit het rapport van de toezichthouder blijkt dat een voorziening niet aan de kwaliteitseisen voldoet, zal de gemeente in principe handhavend optreden.
In deze beleidsregels is uitgewerkt hoe de gemeente haar handhavende taken op het gebied van kinderopvang en peuterspeelzaalwerk uitvoert.
Jaarlijks stelt het College van burgemeester en wethouders een verslag vast van de toezichts- en handhavingsacties die de gemeente in het kader van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen heeft verricht. Dit verslag zendt het College naar de gemeenteraad en de minister.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.2
Gemeentelijke taken
Onderdeel van Handhavingsbeleid Kinderopvang en Peuterspeelzaalwerk