Wanneer één van de collegeleden op grond van artikel 8 vraagt om te stemmen, vindt over personen schriftelijke stemming plaats met gesloten en ongetekende stembriefjes.
Er vinden evenveel stemmingen plaats als er aan te bevelen, voor te dragen of te kiezen personen zijn.
De voorzitter en een wethouder fungeren als commissie van stemopneming.
Ieder in de vergadering aanwezig collegelid dat zich niet van stemming onthoudt op grond van de Gemeentewet – aangehaald in artikel 8, vijfde lid, van dit reglement – is verplicht een stembriefje in te leveren.
De commissie van stemopneming onderzoekt of:
het aantal ingeleverde stembriefjes gelijk is aan het aantal leden, dat verplicht is een stembriefje in te leveren;
de stembriefjes behoorlijk zijn ingevuld.
Wanneer de commissie van stemopneming constateert dat het aantal ingeleverde stembriefjes niet gelijk is aan het aantal leden dat verplicht is een stembriefje in te leveren, vernietigt de commissie de stembriefjes zonder deze te openen en vindt een nieuwe stemming plaats.
Tot een behoorlijk ingevuld stembriefje horen niet:
een blanco stembriefje;
een ondertekend stembriefje;
een stembriefje met meer dan één naam;
een stembriefje met een andere naam dan waartoe de voordracht of stemming beperkt is.
De voorzitter leest de inhoud van elk stembriefje voor, waarbij hij het stembriefje aan de wethouder die fungeert als lid van de commissie van stemopneming, ter inzage geeft.
In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje, beslist het college op voorstel van de voorzitter.
De gemeentesecretaris houdt aantekening van de uitslag van de stemming.
De meerderheid van stemmen wordt bepaald op basis van het aantal collegeleden dat een behoorlijk ingevuld stembriefje heeft ingeleverd.
De gemeentesecretaris zorgt voor vernietiging van de stembriefjes nadat het college de besluitenlijst van de vergadering waarin de stemming plaatsvond, heeft vastgesteld.
Artikel 10
Hoe gebeurt schriftelijk stemmen?
Onderdeel van Reglement van orde college Haaksbergen (8.44a)