Wanneer bij de schriftelijke stemming als bedoeld in artikel 10, niemand de meerderheid van stemmen heeft verkregen, vindt een tweede stemming plaats.
Wanneer bij deze tweede stemming niemand de meerderheid van stemmen heeft verkregen, vindt een derde stemming plaats tussen twee personen, die bij de tweede stemming de meeste stemmen hebben verkregen. Wanneer bij de tweede stemming de meeste stemmen over meer dan twee personen verdeeld zijn, wordt bij een tussenstemming uitgemaakt tussen welke twee personen de derde stemming plaatsvindt.
Wanneer bij tussenstemming of bij derde stemming de stemmen staken, beslist meteen het lot:
de voorzitter noteert op twee gelijke briefjes de namen van de personen tussen welke de loting plaatsvindt;
de voorzitter geeft deze briefjes ter inzage aan de wethouder die fungeert als lid van de commissie van stemopneming, waarna hij de briefjes op gelijke wijze vouwt, in een stembokaal doet en schudt;
de wethouder die fungeert als lid van de commissie van stemopneming neemt één van de briefjes uit de stembokaal; degene wiens naam op het briefje staat, is de aanbevolene, voorgedragene, of gekozene.
Artikel 11
Hoe gebeurt herstemming over personen of beslissing door het lot?
Onderdeel van Reglement van orde college Haaksbergen (8.44a)