Naar hoofdinhoud
1.. Het college kan een belanghebbende een tegenprestatie opdragen, tenzij de belanghebbende aantoonbaar vrijwilligerswerk verricht dat naar aard en omvang minimaal vergelijkbaar is met een tegenprestatie; de belanghebbende aantoonbaar mantelzorg verricht. 2.. Bij het opdragen van een tegenprestatie houdt het college rekening met de volgende factoren: het vermogen van de belanghebbende om de tegenprestatie te verrichten; de persoonlijke situatie en de individuele omstandigheden; de persoonlijke wensen en kwaliteiten van de belanghebbende.

Rechtspraak bij dit artikel